- Bezettingsgraad is zelden bekend omdat meten als extra werk voelt
- Haal de cijfers uit registratie die er toch al is
- Meten zonder doel levert dashboards op die niemand gebruikt
Vraag een maakbedrijf naar de bezettingsgraad van de machines en u krijgt zelden een getal terug. Niet omdat het niemand interesseert, maar omdat meten in de gangbare opzet betekent dat iemand iets extra moet invullen. En alles wat extra is, sneuvelt op een drukke dag.
Meten uit wat er al gebeurt
Als een operator een order start en afsluit op een scherm bij de machine, weet u zonder verdere handeling hoe lang die machine bezet was. Voegt u daar omstellen en stilstand als aparte knop aan toe, dan heeft u de drie categorieen die samen bijna de hele werkelijkheid dekken. Meer registratie is meestal niet nodig.
Waar het misgaat
- Te veel categorieen: als er tien redenen voor stilstand zijn, kiest iedereen de eerste.
- Meten zonder terugkoppeling: als de vloer de cijfers nooit ziet, wordt het invullen als controle ervaren.
- Cijfers zonder besluit: een dashboard dat nergens toe leidt, wordt binnen een maand genegeerd.
Van cijfer naar beslissing
Bezettingsgraad op zichzelf is geen stuurgetal. Interessant wordt het als u ziet welk deel van de niet-productieve tijd naar omstellen gaat, want dat is beinvloedbaar door orders anders te volgorden. Bij bedrijven die kleine series draaien, blijkt omstellen regelmatig een kwart tot een derde van de beschikbare tijd te kosten.
Wat een eerste fase inhoudt
Een scherm bij de machine met vier knoppen, een koppeling naar uw bestaande orderadministratie en een wekelijks overzicht per machine en per productgroep. Dat is te bouwen als afgebakende eerste fase en levert binnen een kwartaal cijfers op waarop u kunt sturen.


