- Weg, spoor en water in een zending betekent drie bronnen van statusinformatie
- Vertaal alles naar een eigen set statussen die voor uw proces betekenis heeft
- Bewaak op uitblijven, niet alleen op meldingen
Een zending die per spoor naar een terminal gaat en van daaruit over de weg verder reist, doorloopt de systemen van meerdere partijen. Elk van hen meldt in zijn eigen begrippen en op zijn eigen momenten, en niemand heeft het overzicht over het geheel.
Waarom u een eigen set statussen nodig heeft
De verleiding is om de statussen van de vervoerders over te nemen. Dat werkt niet, want ze betekenen niet hetzelfde. Wat de ene partij aangekomen noemt, betekent bij de andere gelost en bij een derde beschikbaar voor ophalen. Zonder eigen definitie is het samengevoegde beeld onbruikbaar.
Hoe u dat opzet
- Definieer vier tot zes statussen die voor uw klant betekenis hebben.
- Leg per vervoerder vast welke van hun meldingen naar welke eigen status vertaalt.
- Bewaar de oorspronkelijke melding erbij, zodat u bij twijfel kunt terugkijken.
- Toon het verloop in de tijd, want de klant wil weten waar het staat en niet alleen wat de laatste stand is.
Bewaken op uitblijven
Bij multimodaal vervoer is de overslag het risicopunt. Een container die volgens planning gisteren van het spoor op de weg had moeten gaan en waarvan geen melding is binnengekomen, is het geval waar u vandaag achteraan wilt. Een controle die meldt bij het uitblijven van een verwachte status, vangt dat.
Wat de klant ervan merkt
Het praktische resultaat is dat uw binnendienst een vraag over een zending kan beantwoorden zonder te bellen met drie partijen. Bij afnemers die op leverbetrouwbaarheid sturen, is dat een van de duidelijkste manieren om u te onderscheiden van een concurrent die dat niet kan.


